Mijn kind zet zijn bril niet op

november 19, 2015

Mijn kind zet zijn bril niet op

Grote frustratie; je kind heeft een bril nodig, jullie hebben een leuke bril gevonden, en dan draagt hij of zij hem niet! Er zijn verschillende redenen waarom een kind moet wennen aan de bril. Onze ervaring is dat alle kinderen die bij ons een bril hebben gekocht, de bril uiteindelijk ook gaan dragen zoals hij is voorgeschreven.
Dat kan zijn dagelijks of op gewenste tijden. Hieronder geven we enkele oorzaken voor het niet dragen van de bril en tips om het voor je kind makkelijker te maken om aan de bril te wennen.

De bril kan bijvoorbeeld niet lekker zitten.
Het is heel belangrijk dat de bril goed afgepast is. Dat houdt in dat de eventuele neussteuntjes goed op de neus aansluiten, dat de bril recht op de neus staat en goed achter de oren aansluit. En dat de bril niet van de neus afzakt.
Als de bril te strak is afgepast, kan dit rode drukplekken geven op de neus en achter de oren. Dit kan zeer doen en daardoor is het mogelijk dat je kind de bril niet wil dragen. Ons advies is om de bril dan opnieuw af te laten passen door de opticien, zodat deze klachten afnemen en je kind de bril kan gaan dragen.
Tevens is het heel belangrijk dat je kind niet over de bril heen kan kijken. Het kan zijn dat de bril te los is afgepast waardoor de bril van de neus afglijdt. Doordat kinderen dan niet goed door de glazen kijken of misschien zelfs over de bril heen kijken, merken ze het verschil niet tussen het kijken met de bril en zonder de bril. Dus zal hij aan de kant gelegd worden, omdat je kind de meerwaarde van de bril niet ervaart. Naast het feit dat het vervelend is dat je bril van je neus glijdt, is het heel belangrijk dat de bril strakker wordt afgepast door de opticien zodat er weer goed door de glazen gekeken kan worden. Dan merkt je kind dat het beter kijkt met de bril op.

Of het is even wennen aan de sterkte van de bril?
Zeker bij een eerste bril is het even wennen voor de ogen om te kijken door glazen met sterkte. Je kind is nu eenmaal gewend om zonder bril en dus zonder die sterkte te kijken. De ogen moeten zich echt even aanpassen en dat gaat niet altijd van het ene op het andere moment. Geef dat zeker 2 weken de tijd om aan de bril te wennen.
Maar ook als het om een nieuwe bril gaat, kan het wennen zijn. Meestal is de sterkte toch iets veranderd en ook dat vraagt weer wat aanpassing van de ogen aan de nieuwe sterkte.
Wij adviseren om de bril niet meteen op te houden als hij bij het ophalen niet meteen goed zicht geeft. De ogen hebben de hele dag al gekeken zonder bril of met een andere sterkte en dan moeten de ogen en hersenen even schakelen als de nieuwe bril wordt opgezet. Als je kind hier over klaagt, dan begin pas met de nieuwe bril de dag nadat de bril is opgehaald. Meteen na het opstaan de nieuwe bril opzetten en dan kijken of het beter gaat. De ogen wennen dan meteen aan het nieuwe kijken en dan kan het zijn dat het wél mogelijk is de bril op te houden.
Toch kan ook op deze manier het lastig zijn om de bril opeens zonder klachten te gaan dragen. Mochten er nog steeds klachten zijn, probeer dan per dag het dragen van de bril op te bouwen. Maar zorg er voor dat het geen strijd wordt om de bril bij je kind op te zetten.

Er is een verschil in brilsterkte tussen de ogen.(anisometropie)
Kinderen die een groot verschil in brilsterkte hebben tussen de ogen, hebben het vaakst moeite om te wennen aan de bril. Een sterkteverschil van 2 of meer tussen het rechter- en linkeroog geeft de meeste klachten.
Het kan bijvoorbeeld zijn dat je kind met 1 oog een kleine sterkte heeft óf misschien geen sterkte en dat het andere oog +4 nodig heeft. Als je kind dan de bril gaat dragen merkt het eigenlijk geen verschil met het zien zonder bril. Dit heeft te maken met het feit dat je kind altijd wel goed kon zien zonder bril i.v.m. de lage sterkte van een oog (het goede oog). Maar voor het oog met de hogere sterkte is het wél nodig dat de bril gedragen wordt. Dit omdat het de ontwikkeling van het oog bevordert en hiermee de kans op een lui oog voorkomen kan worden of verergering van een lui oog kan worden voorkomen.

Als de bril niet gedragen wordt, heeft het echt met gewenning te maken. Zorg dat je kind regelmatig de bril draagt zonder je kind teveel te pushen. Zo kan het langzaam wennen aan de bril en uiteindelijk zelfs het resultaat hiervan ervaren waardoor je kind zelf de bril zal pakken om beter te kunnen zien.

Je kind heeft een hekel aan de bril.
Het komt ook voor dat je kind een hekel heeft aan de bril en daardoor de bril niet draagt. Een alternatief voor een bril is contactlenzen. Er wordt veel gespeculeerd wat de juiste leeftijd is om aan lenzen te beginnen. Volgens ons er niet een bepaalde ondergrens qua leeftijd voor het dragen van lenzen, maar het kind moet wel zelfstandig genoeg zijn om de lenzen in en uit te kunnen doen. Hoe groter de motivatie is om lenzen te gaan dragen, hoe meer ze zullen doorzetten om dit te leren! Het is aan de contactlensspecialist en de ouders samen om te kijken of lenzen een optie zijn. Mocht er voor lenzen gekozen worden, dan is ons advies om dit onder goede begeleiding te doen van een ervaren contactlensspecialist. Zorg er tevens voor dat er met enige regelmaat naar de lenzen gekeken wordt; dit in het belang van de gezondheid van de ogen.
Het is daarnaast noodzakelijk om een goede bril naast de lenzen te hebben. Er zijn genoeg redenen waardoor de lenzen soms niet gedragen kunnen/mogen worden. Dan moet er wel een bril zijn om goed zicht te kunnen geven. Indien er ineens een gedwongen reden is waardoor de lenzen niet gedragen kunnen worden, moet er een goede bril als alternatief zijn. Het duurt soms wel een week voor een bril klaar is, en dat zou in dit geval een week slechter zicht betekenen.

Wij adviseren lensdragers daarom een bril die up-to-date is naast de lenzen te hebben.

Tips!

Positieve benadering.
Alles staat of valt met de benadering van je kind met de bril. Het helpt natuurlijk enorm als dit positiefs benaderd wordt. Door zowel jullie als ouders, als door klasgenootjes, vrienden en leerkrachten.

Bouw het dragen van de bril langzaam op.
Laat je kind de bril zo veel dragen als lukt, probeer er geen strijd van te maken. Hierdoor krijgt een kind er geen negatieve associatie mee.
Ook moet een kind, zeker in het geval van een eerste bril, wennen aan het gevoel dat er iets op de neus staat. Door het langzaam op te bouwen zal je kind hier op een relaxte manier aan wennen.

Begin met het zien dichtbij/veraf.
Vooral als kinderen een plus-sterkte hebben, hebben ze het eerst profijt van de sterkte als ze iets dichtbij bekijken. Dus bijvoorbeeld bij het (voor)lezen in boekjes, spelletjes spelen, tekenen, knutselen, etc.
Bij kinderen met een min-sterkte helpt het als ze beginnen met de bril dragen voor veraf. Bijvoorbeeld bij tv kijken, het bord lezen in de klas en op de fiets.
Zodra ze merken dat de bril helpt bij het zien, zullen ze de bril ook graag gaan dragen en ook ophouden.

Mocht het met deze info en tips toch lastig blijven om de bril te dragen, neem dan eens contact met ons op voor een advies op maat. We denken graag mee om het wat makkelijker te maken om de bril te dragen.

Evelien en Mandy